Supermarkten stootten in de jacht naar efficiëntie door de jaren heen hun ambachtelijke slagerij af. Vlees uit bediening verdween zo grotendeels. Een warme bakker op de winkelvloer was nooit gemeengoed. Het ambachtelijk vers verdween van de winkelvloer. Vleeswaren werden niet langer op de werkvloer gesneden, laat staan dat er maaltijden werden gekookt.
Plus-ondernemer Peter Manniën volgt een totaal andere koers, hij behield juist het ambachtelijk vers, de ambachtelijke bakkerij en slagerij op de winkelvloer. Hij voegde een keuken (De Makerij) toe waar verse maaltijden worden gekookt. Vleeswaren, die grotendeels nog zelf worden gesneden, komen uit bediening. ‘Als een klant 50 gram wil in plaats van een onsje, dan kan dat gewoon.’

Komst Lidl deerde amper
Het ambacht is in zijn ogen de reden voor de klant om juist bij hém inkopen te doen. Hij maakte zo’n zes jaar geleden bij een ingrijpende verbouwing het pakket zelfs compleet door een Readshop, Marskramer, slijterij en drogisterij/parfumerie onder het dak van zijn supermarkt te brengen. Zelfs de komst van een Lidl in het dorp Rucphen, waar hij destijds tegen ageerde, deerde hem niet. Waar dat normaliter omzet kost, groeide de omzet bij hem, weliswaar even wat langzamer, toch door. Uiteindelijk is de Lidl volgens hem misschien zelfs wel een zegen, hoewel hij liever Aldi had gezien. ‘We zijn daardoor regionaal aantrekkelijker. Ze hoeven ook niet voor een discounter het dorp uit. Als ze dat wel doen, is de kans groter dat ze daar dan ook hun overige boodschappen doen’, zegt Manniën.
Hoger maagaandeel dan gemiddeld
Dat de focus op ambachtelijk vers van Plus Manniën werkt, blijkt. Op basis van CBS-gegevens is zijn te verwachten ‘maagaandeel’ in de totale foodbesteding (inclusief horeca) berekend en vergeleken met zijn eigen cijfers. ‘Wij zitten veel hoger dan de potentie. Zowel in ons primaire als secundaire marktgebied horen wij bij de top van Plus.’ Hij merkte dat ook toen de door Jumbo overgenomen Emté in St. Willebrord werd verbouwd. Emté, altijd sterk in vlees, had nog een slager. De Jumbo heeft alleen voorverpakt. Een deel van de Emté-klanten klanten komt nu bij hem. Dat heeft leverde hem naar schatting minimaal €10.000 tot €15.000 extra omzet per week op. ‘Dankjewel Frits’, zegt hij olijk.
De beste zijn, niet de goedkoopste
Het ambachtelijke voegt niet alleen beleving toe op de winkelvloer. Het zorgt voor extra klanten die gemiddeld meer besteden. Klanten komen voor het eigen brood, de eierkoeken en de vlaaien. De slager heeft vers uitgesneden vlees dat niet onder gas is verpakt. De prijzen liggen hoger dan het voorverpakte brood en vlees van Plus dat hij ook verkoopt. ‘We bieden klanten die keus, verkopen beiden. De een komt voor de beste kwaliteit, de ander voor de wat lagere prijs.’ Hoewel de prijsverschillen bij het vlees wel meevallen. Zo zijn ambachtelijke slavinken maar €1 per kilo duurder dan die van Plus. Bij de Rucphense gehaktballen is het prijsverschil vergelijkbaar. ‘We verkopen er 700 per week.’ Het is een optelsom, zegt hij. ‘Je moet opgeteld niet de goedkoopste willen zijn, maar de beste.’

Manniën scoort met margerijk ambachtelijk vers
Het ambachtelijk vers, de slager, bakker en maaltijden zorgen niet alleen voor een grotere klantenstroom bij Manniën, ze genereren zelf ook extra inkomsten. ‘In iets meer dan de helft van de transacties zitten producten uit onze eigen bakkerij. In 30 procent ook uit eigen slagerij.’ De bestedingen in margerijk vers liggen dan ook hoger dan gemiddeld. ‘Wij zitten relatief laag in kw.’ Samen met de kracht in het secundaire marktgebied zorgt dat voor een hoge gemiddelde besteding. ‘Die mensen komen niet voor een vergeten pak suiker.’ Die ‘volle’ klanten zorgen voor een gemiddelde besteding die tussen de €28 en €30 ligt. ‘We hebben ook mandjesklanten, maar zijn geen mandjeswinkel.’
Onze brutomarge ligt 4 tot 5 procent hoger dan het Plus-gemiddelde”
Zijn brutomarge ligt flink hoger dan gebruikelijk bij Plus, dankzij het eigen brood en banket, het door de slager geportioneerde en verpakte vlees en door de soepen en maaltijd uit eigen keuken. ‘Zo’n 4 tot 5 procent hoger dan gemiddeld bij Plus.’ En ja, vakbekwaam personeel, zoals bakkers en slagers, is duur. En er zitten ook veel extra uren in verpakken van vlees, maaltijden, brood en banket, erkent hij. Maar ook het nettoresultaat ligt hoger, onder meer door de synergievoordelen die het oplevert. ‘Het moet onderaan de streep ook gewoon geld opleveren. Het is geen hobby. Als je een hobby wilt, moet je gaan vissen of voetballen.’
Later modules Plus toegevoegd
Manniën begon 33 jaar gelden in de supermarktsector. In 2001 begon hij in Rucphen in een 600 vierkante meter grote Plus-markt. Later verhuisde hij naar de huidige locatie, die in 2016 volledig op de schop ging en werd verbouwd naar Plus Briljant 1.0 van 1350 vierkante meter. ‘We hebben later elementen en modules, zoals de Makerij en tapas, toegevoegd.’

Drogist, Markramer en Readshop
Hij trok een naastgelegen bankkantoor aan het pand. Dat bood hem de mogelijkheid om een Readshop, Marskramer, slijter en drogist/parfumerie onder één dak met de supermarkt te brengen. Die zijn in Plus-stijl ingericht. ‘Het moet geen rotzooitje, geen Winkel van Sinkel zijn.’ Plus Manniën is daardoor als het ware ‘het centrum’ van het bijna 4600 inwoners tellende dorp. Klanten kunnen er voor vrijwel alles terecht. Van een tosti-ijzer tot een high-end parfum. Ook dient de balie als servicebalie voor de supermarkt. Bovendien is zo de sigarettenverkoop vooralsnog tot 2030 gewaarborgd. ‘Er vragen al veel collega’s hoe we dit doen. Die komen kijken.’ En daarna ziet hij wel verder, maar sluit dan een tabaksspeciaalzaak niet uit. ‘Alles wat je doet, moet versterken. Ondernemen is prachtig, maar zoals ik al zei, het is geen hobby. Het moet wel wat opleveren’





























